Actueel

Januari 2019

Actueel:

Loondoorbetalingsverplichting kleine werkgevers
Het voornemen bestond om de verplichting tot doorbetaling van loon tijdens ziekte voor kleine werkgevers te beperken tot één jaar. Dat plan kwam ter discussie te staan toen bleek dat kleine werkgevers in ruil voor het wegvallen van de loondoorbetalingsverplichting (en re-integratieverplichting) een hoge uniforme premie zouden moeten gaan betalen ter dekking van de kosten van het tweede ziektejaar.

In plaats daarvan heeft de Minister met de werkgeversorganisaties en het Verbond van verzekeraars een convenant gesloten, als gevolg waarvan werkgevers per 1 januari 2020 een verzekering kunnen sluiten (de "MKB verzuim-ontzorg-verzekering”), die niet alleen het financiële risico dekt maar die ook “ontzorgt”. De verzekering voorziet er in dat:

  • Een eventuele loonsanctie voor rekening van de verzekeraar komt en niet van de werkgever, mits de werkgever de adviezen van de verzekeraar opvolgt;

  • Re-integratiedienstverlening gericht op werkhervatting binnen eigen bedrijf ("eerste spoor”) en daarbuiten ("tweede spoor”);

  • Een casemanager (bij dreigend langdurig ziekteverzuim) tenminste de volgende taken heeft:

  • ondersteuning bij het opstellen van een re-integratieplan, het Plan van Aanpak, communicatie rondom de re-integratie (ook met de bedrijfsarts)
  • vertaling van het advies van de bedrijfsarts naar concrete re-integratiestappen van de werknemer
  • regie en monitoring van verplichte stappen op grond van Wet verbetering Poortwachter
  • bieden van inzicht aan de werknemer in de gevolgen en inkomenseffecten van langdurige arbeidsongeschiktheid (na maximaal een jaar)
  • advisering ten aanzien van het aanvragen van een deskundigenoordeel (door werkgever of werknemer)
  • samenwerking van de verzekeraar met gecertificeerde arbodiensten, geregistreerde bedrijfsartsen, arbeidsdeskundigen en casemanagers;

Met ingang van 2021 komt er ook een jaarlijkse financiële tegemoetkoming in de vorm van een premiekorting voor de kosten van loondoorbetaling, waarvoor € 450 miljoen is uitgetrokken. Doordat de korting bestaat uit een vast bedrag per werkgever, komt deze vooral ten goede aan kleine werkgevers. In 2024 moet de premiekorting worden vervangen door invoering van een gedifferentieerde premie voor het Arbeidsongeschiktheidsfonds (nu: basispremie).


Gaat de “loonsanctie” verdwijnen?
De loonsanctie blijft voorlopig nog gewoon bestaan, maar de regering wil wettelijk verankeren dat per 1 januari 2021 geen loonsanctie meer kan worden opgelegd wegens het feit dat de bedrijfsarts bij zijn advies aan de werkgever uit zou zijn gegaan van een onjuiste vaststelling van de belastbaarheid van de werknemer. Het UWV zal vanaf 2021 bij de beoordeling van het re-integratieverslag uit moeten gaan van de juistheid van het medisch advies van de bedrijfsarts (ook bij de vraag of de werknemer nog kan terugkeren in het eigen bedrijf en bij de vraag of voor de werknemer een tweede spoortraject moet worden gestart). Verder heeft de Minister verzekerd dat (zoals ook nu al het geval zou moeten zijn) in beginsel geen loonsanctie wordt opgelegd als eerder in een deskundigenoordeel is geoordeeld dat de re-integratie-inspanningen van de werkgever voldoende waren, maar dat daarbij wel nog de re-integratie-inspanningen over de periode na het deskundigenoordeel worden getoetst.  Ten slotte is de regering van plan de rol van de werknemer bij de re-integratie te versterken doordat hij voortaan al in het plan van aanpak en bij de eerstejaarsevaluatie zijn oordeel over de re-integratie moet geven. 


Rechtspraak:

Werknemer heeft veel rechten, maar niet het recht zijn werkgever het leven zuur te maken.
Rechtbank Midden Nederland: In deze zaak staat het ontbindingsverzoek van de werkgever centraal nadat er diverse incidenten met werknemer hebben plaatsgevonden. Die incidenten zijn: verschillende keren zonder toestemming niet op het werk verschijnen, een klacht van een collega-monteur over het gedrag van werknemer, voortdurende discussies over arbeidstijden en vergoeding van reis-uren en het zogenoemde ‘automotorincident’ (waarbij werknemer de motor van de bedrijfsauto stationair laat draaien en weigert deze, na klachten van de achterbuurman, uit te zetten, waarna een collega de motor uitzet en werknemer vervolgens de motor weer start). De kantonrechter ontbindt op de e-grond wegens ernstig verwijtbaar handelen, waardoor geen transitievergoeding is verschuldigd. Op grond van het zogenoemde ‘luizengaatjescriterium’ kent de rechter de werknemer alsnog een halve transitievergoeding toe. De kantonrechter overweegt dat:  “(…) een werknemer weliswaar veel rechten heeft, maar hij heeft niet het recht om zijn werkgever het leven zuur te maken. Dat is – aldus de rechter wat de werknemer al jarenlang doet.”
Link

Welk loon moet worden doorbetaald tijdens vakantie?
Hof van Justitie EU: Hier staat de vraag centraal of bij de berekening van het vakantieloon de gemiddeld betaalde vergoeding voor overwerk ook onder het loonbegrip valt . Het oordeel van het Hof luidt – niet onverwacht – bevestigend. Het Hof acht overwerk tot het vakantieloon behoren, indien de werknemer ‘regelmatig overwerk verricht en het loon en de vergoeding daarvan een belangrijk onderdeel vormt van de totale vergoeding die hij voor zijn beroepsactiviteit ontvangt.”
Link

Klachtplicht artikel 6:89 BW: tijdig klagen over ondeugdelijke loonbetaling vereist
Rechtbank Rotterdam: In deze zaak  stelt de werknemer een loonvordering in omdat hij meent recht te hebben op uitbetaling van vakantietijd. De werkgever verweert zich en meent dat de vakantietijd is verdisconteerd in het uurloon; subsidiair stelt de werkgever dat de werknemer niet tijdig heeft geklaagd als bedoeld in artikel 6:89 BW. De rechter oordeelt dat ook in het arbeidsrecht de klachtplicht geldt omdat de schuldenaar er belang bij heeft dat er bij een geldschuld tijdig wordt geklaagd, omdat hij vanwege het tijdsverloop kan worden geconfronteerd met een reeds opgelopen schuld. Derhalve geldt de klachtplicht ook bij geschillen over onjuiste of onvolledige loonbetaling. Helaas geeft de rechter niet aan wat onder “tijdig klagen” moet worden verstaan…
Link

© AdvoKuyt | M.A. Kuyt-Fokkens & E.J. Houben | +31 (0)70 386 22 59 | info@advokuyt.nl

 

Advocaten

Advokuyt biedt u  een specialist in arbeidsrecht, medezeggenschapsrecht of pensioenrecht met de kwaliteit van een topkantoor voor een fair tarief. Wij werken niet met stagiairs of medewerkers, maar helpen u zelf direct met de beste service. Uw belang staat bij ons altijd voorop.

Door onze goede bereikbaarheid en grote mate van vakinhoudelijke kennis zijn we uw ideale sparringpartner op niveau.

Maya Kuyt-Fokkens en Erik Houben geven u snel, praktisch, duidelijk en goed advies.

AdvoKuyt is een besloten vennootschap en de advocaten van AdvoKuyt zijn ingeschreven bij de Nederlandse Orde van Advocaten (De adresgegevens van de NOvA: Neuhuyskade 94, 2596 XM Den Haag, 070 3353535, info@advocatenorde.nl).

AdvoKuyt is vanzelfsprekend verzekerd voor beroepsaansprakelijkheid (bij HDI-Gerling Verzekeringen N.V.) tot een maximum van € 2.000.000. 

AdvoKuyt heeft een klachtenregeling die van toepassing is op iedere opdracht. De klachtenregeling staat in het kwaliteitshandboek van AdvoKuyt (te downloaden onderaan de pagina).